Facebook
suzukimethode

de Suzukimethode

MUZIEKONDERWIJS VOLGENS DE SUZUKIMETHODE

Terug in Japan introduceerde Shinichi Suzuki vioolonderwijs voor hele jonge kinderen volgens de zogenaamde 'moedertaalmethode': hij realiseerde zich dat elk kind in staat is, ongeacht afkomst of intelligentie, zijn eigen moedertaal te spreken.

Dat idee werd de basis van de door hem ontwikkelde methode Talentontwikkeling.

Na intensief onderzoek kwam Suzuki tot de volgende principes:

  • In ieder kind zit de mogelijkheid om zich muzikaal te ontwikkelen, op voorwaarde dat de juiste methode wordt toegepast. Talent is niet aangeboren maar moet gevormd worden al zal het uiteindelijke resultaat voor ieder mens verschillend zijn.
  • Ieder kind spreekt zijn moedertaal. De manier waarop kinderen dit leren is een perfect opvoedkundige methode: oefening en herhaling.

Het leren bespelen van en instrument gaat dus in kleine stapjes die steeds herhaald worden. Een volgende stap wordt pas gezet als de vorige wordt beheerst. De stappen worden in alle rust en zonder haast gezet. Het kind bepaalt het tempo. Het aangeleerde wordt in latere stadia weer gebruikt om het spel te verfijnen en te verbeteren of nieuwe technieken aan te leren.

  • Wat niet in de omgeving aanwezig is, zal niet tot ontwikkeling komen.

Vanaf zijn geboorte heeft het kind het sterke vermogen om zich aan te passen aan zijn omgeving, dit is cultureel bepaald. De vaardigheden die een kind beheerst op 6-jarige leeftijd zijn gevormd door de periode daaraan voorafgaand. Dus al vanaf de geboorte. Het is van groot belang om te bepalen waar we een kind vanaf zijn geboorte mee omringen. Dit is bepalend voor de rest van zijn ontwikkeling.

  • Uit het hoofd spelen. Een van de menselijke karakteristieken is het geheugen. Kinderen die op school goede resultaten halen hebben vaak een goede geheugentraining gehad. Van nature hebben alle kinderen dat vermogen en het is van groot belang om dat te trainen. Daarom wordt al het repertoire uit het hoofd geleerd.
  • De rol van de ouders. Ouders worden betrokken en ingeschakeld bij het leerproces. De ouders zijn als opvoeders de echte leraren van de kinderen. Ze zitten bij de lessen en worden onderwezen in de beginselen van het bespelen van het instrument. Hoe enthousiaster de ouders zijn des te groter is de kans dat het kind zich met hart en ziel aan zijn istrument zal wijden. Geduld, positief commentaar en het vertrouwen dat het gaat lukken maken het kind sterk en vol zelfvertrouwen. Het krijgt plezier in wat het aan het doen is, het is prettig iets te doen wat de omgeving waardeert.
  • De lesvorm. Naast de wekelijkse individuele les is er de groepsles. Dit is een ontmoeting met andere kinderen die hetzelfde doen. Het geeft de mogelijkheid om je te spiegelen aan anderen. Je verdiept je in het repertoire. Je leert er samenspelen en het is leuk en vormend om te zien en te horen wat andere kinderen kunnen.
  • De CD. Het is van groot belang om elke dag naar de Suzuki-cd te luisteren. De voorbeeldfunctie is heel groot voor de klankontwikkeling en intonatie en maakt deel uit van de dagelijkse studie. Op deze manier is het kind ook al bekend en vertrouwd met wat het gaat spelen en zal het aanleren sneller gaan.